2018-09-02


Houd stand, met de waarheid als gordel om uw heupen, de gerechtigheid als harnas om uw borst, 15 de inzet voor het evangelie van de vrede als sandalen aan uw voeten, 16 en draag bovenal het geloof als schild waarmee u alle brandende pijlen van hem die het kwaad zelf is kunt doven. 17 Draag als helm de verlossing en als zwaard de Geest, dat wil zeggen Gods woorden.  (Efeze 6, vefrs 14-17)

‘houd stand’, staat in onze bijbel als kopje boven deze tekst. De Efeziërs hebben het moeilijk, in een wereld waarin zij in de minderheid zijn. Zij zoeken in die vijandige wereld hun weg als volgelingen van Jezus. En dat gaat niet vanzelf. Daar moet je moeite voor doen.

In het slot van deze brief worden de tegenstellingen tussen Christenen en de wereld om hen heen behoorlijk op de spits gedreven. Het gaat in eerdere hoofdstukken ook al over ‘anders zijn’, over kinderen van het licht tegenover kinderen van de duisternis, anders dan de volken, navolgers, imitators, aan wie je moet kunnen zien van wie ze er een zijn, bij wie ze horen. Van de wereld, en niet van de wereld....

En zo staat de lezing van vandaag bol van de oorlogstaal, het gaat over wapenrusting, schild, helm, zwaard, en over de duivel die als een vijand moet worden weerstaan. Het beeld van strijd, als beeld voor wat geloof is. De wapenrusting waar de brief over spreekt is er vooral een die dient ter bescherming, om bestand te zijn tegen alles wat er op je af komt. Om je te beschermen tegen wat duivels is, tegengesteld aan Gods geest, om het in bijbelse termen te zeggen.

Wanneer de bijbel spreekt over de duivel gaat het steeds om dat wat tegengesteld is aan God, dat wat de geest van God tegenspreekt. En hoe we dat dan verder ook noemen, wij kunnen er niet omheen dat er zoiets bestaat als het kwade, als listen van de duivel, of de machthebbers van de duisternis. Hoe moeilijk die soms ook te identificeren zijn.

Het is de lastigste vraag die er in het leven is: wat is goed, en wat is kwaad, hoe interpreteer je wat er op je af komt, en hoe kun je overzien wat goed is om te doen, en wat niet. We kennen die vraag op alle niveaus van het leven. We komen het tegen in de kleine dingen, in belangrijke zaken. En ieder van ons kent van die keuzes in het leven, die terugkijkend, niet goed waren. Waar we spijt van hadden, die we anders hadden willen doen. Die het goede niet hebben gediend.

Geloof heeft te maken met het besef dat er zoiets bestaat als de verleiding van de machten, de listen van de duivel. En dat iedere mens, ook wij, daarvoor gevoelig zijn. Gelovigen zijn niet alleen maar brave christenen, die precies weten wat goed is en wat niet.

Het blijft ook voor ons zaak steeds weer opnieuw die vraag stellen, in gesprek te zijn met ons geloof, en op hoop van zegen onze weg in het leven te gaan.

Maar, zegt de schrijver van deze brief, je kunt jezelf wèl wapenen tegen alles wat er aan negativiteit en kwaad op je afkomt, om stand daarvan te kunnen houden: Zoek je kracht in de Heer, draag de waarheid van je geloof als een gordel om je heupen, en de gerechtigheid als een harnas om je borst, en je inzet voor het evangelie als sandalen aan je voeten.

Geloof als wapenrusting, geloof als bescherming, als antwoord op de kwade machten van het leven. Geloof als iets dat je aantrekt. Geloof als iets dat je gebruikt, actief gebruikt, in je leven, om beter beslagen ten ijs te komen, als het gaat om die vraag naar wat goed is, en wat niet. Om te kunnen herkennen wat ten goede is en wat ten kwade, wat de gerechtigheid dient, en wat niet.

Dan functioneert de geest van God als een zwaard dat je gebruiken kunt  om het kwade op afstand te houden, om stand te houden, en wordt geloof als een schild dat afweert wat ten kwade is. De wapenrusting van het geloof beschermt je, en houdt je heel.

De schrijver van deze brief heeft goed begrepen dat geloof lastige kanten heeft, moeilijk zijn kan in relatie met een vijandige wereld. Dat het strijd op kan leveren, en moeite. In veel gesprekken die ik voer komt het terug: hoe doe je dat, geloven, als de mensen om je heen, je familie, je kinderen, geloofstaal niet meer verstaan. Het belang ervan niet kennen, niet begrijpen. Jou daarin niet kunnen volgen.

En dan is het beeld van de wapenrusting een heel effectief beeld. Zorg dat je geloof aantrekt als een schild, als een harnas, als een zwaard. Maak je geloof actief, en effectief, en gebruik het, vrijmoedig. Zo zul je stand houden. Uiteindelijk gaat het om die simpele vraag: hoe ben ik wie ik ben, en geloof ik wat ik geloof, als om mij heen anderen andere keuzes maken.

We oefenen met geloof, met elkaar, in de kring van de gemeente. Ook vandaag. Om het aan te kunnen trekken.  En daartoe doen we ook vandaag wat generaties gelovigen al eeuwen doen: we bidden om Gods geest, we blijven waakzaam, en bidden voor elkaar, om de kracht van geloof, om geloof dat ons weerbaar maakt, en strijdbaar, op hoop van zegen.

 

 

Bloemen illustratie
Illustratie

Kerkdiensten

Agenda

Actueel

Over ons

Kerkblad 'Onderweg'

Doen

Contact




RSS Feed

powered by Mahieu